Nieuws

Huurreglement

STICHTING BEHEER ACCOMMODATIES BODEGRAVEN-REEUWIJK
HUURREGLEMENT

Inhoudsopgave
I Begripsomschrijving
II Huurbepalingen
1 Ingebruikgeving
2 Huurvergoeding
3 Leiding
4 Gebruiksbepalingen
5 Calamiteiten
6 Nadere bepalingen sporthallen
7 Nadere bepalingen zwembad
8 Nadere bepalingen gymzalen
9 Aansprakelijkheid
10 Maatregelen
11 Verweer
12 Slotbepalingen
Bijlage 1 Gebruik van het sportmateriaal

Bodegraven, 13 april 2011
April 2011


I. BEGRIPSOMSCHRIJVINGEN
1. De accommodaties: Sportcentrum De Kuil, Sporthal Sporthoeve en gymnastieklokalen, die beheerd en verhuurd worden door de SBAB.
2. De beheerder: Diegene, die door de SBAB is belast met onder meer het toezicht op een zorgzaam gebruik van de accommodatie en de inventaris.
3. Bezoekers: De personen die de lessen, trainingen, wedstrijden etc. komen bezoeken en niet actief daaraan deelnemen. 4. De eigenaar: De gemeente Bodegraven-Reeuwijk, die eigenaar is van de accommodaties, welke door de SBAB worden beheerd en verhuurd.
5. De gebruikers: De personen, te weten de leiding, de spelers en de bezoekers, die de huurder tot de accommodatie toelaat.
6. De gebruiksperiode: De periode, waarin de accommodatie voor de huurder is gereserveerd.
7. De gebruikstijd: De tijdstippen, waarop de accommodatie voor de huurder is gereserveerd.
8. De gymzalen: De gymzaal aan de Schoolstraat 1, Nieuwerbrug en voor zover deze bij de SBAB in beheer zijn aan de Laan van Turkenburg 4 en Dronenplein 1 te Bodegraven.
9. De huurder: De natuurlijke- of rechtspersoon, die als zodanig op de huurovereenkomst staat vermeld.
10. De huurvergoeding: het bedrag dat betaald moet worden voor het gebruik van de gehuurde ruimte.
11. De inventaris: Bestaande uit: vaste en/of verplaatsbare toestellen en overige inboedel, die tot de accommodatie behoren.
12. De leider: Diegene, die namens de leiding verantwoordelijk is voor het toezicht op het naleven van het huurreglement en de huurvoorwaarden met betrekking tot het gebruik van de accommodatie.
13. De leiding: Diegenen, die namens de huurder verantwoordelijk zijn voor het naleven van het huurreglement en de huurvoorwaarden.
14. Logboek: In de gymnastieklokalen aanwezige aantekenboeken, die bij aankomst en vertrek moeten worden ingevuld.
15. Reclame: Het publiekelijk in woord en/of beeld onder de aandacht brengen van artikelen en/of diensten binnen de accommodaties.
16. SBAB: De Stichting Beheer Accommodaties Bodegraven-Reeuwijk, gevestigd te Bodegraven.
17. Schadeformulier: Formulier waar geconstateerde schade op vermeld dient te worden.
N.B.: In het huurreglement en de huurvoorwaarden worden personen steeds aangeduid in de mannelijke vorm, ook wanneer er sprake zou zijn van personen van het vrouwelijk geslacht.

Huurreglement
April 2011


II. HUURBEPALINGEN

1. Ingebruikgeving.
1.1. Om een accommodatie te kunnen huren, dient de huurder een ondertekend aanvraagformulier bij de SBAB in te dienen. De SBAB zendt een huurovereenkomst, waarin de overeengekomen gebruiksperiode en gebruikstijd staan vermeld, aan de huurder.
1.2. De huurder mag van de accommodatie eerst gebruik (laten) maken, nadat de huurder de bevestiging van de huurovereenkomst heeft ontvangen.
1.3. De huurder mag de accommodatie slechts gebruiken overeenkomstig de bestemming van de accommodaties.
1.4. Indien huurder de accommodatie wenst te gebruiken voor andere doeleinden dan de bestemming van de accommodaties, behoeft dit gebruik toestemming van de eigenaar van de accommodatie. Een verzoek daartoe dient uiterlijk zeven weken voor de gebruiksperiode bij de SBAB worden ingediend. De SBAB zal, na ontvangst van het verzoek, voor tijdige aanvraag bij de eigenaar zorgdragen. De eigenaar zal uiterlijk vier weken na dagtekening van het verzoek van de SBAB de toestemming verlenen of weigeren. Indien toestemming wordt verleend is de huurder gehouden aan de eventuele voorwaarden van de eigenaar.
1.5. De SBAB heeft te allen tijde de bevoegdheid op bepaalde dagen en uren over de accommodatie te beschikken. Wanneer de SBAB van deze bevoegdheid gebruik wil maken, ontvangen de betrokken huurders daarvan zo spoedig mogelijk bericht. Voor zover mogelijk zal de SBAB zorgen voor vervangende ruimte.
1.6. Het opstellen en het opbergen van de gebruikte (sport-) materialen door of vanwege de huurder moet plaats vinden binnen de gebruikstijden.
1.7. De huurder mag niet, behoudens de goedkeuring van de SBAB: a De accommodatie in enigerlei vorm aan derden afstaan; b Binnen de accommodatie consumpties (laten) verstrekken, handel (laten) drijven, blijvende reclame (laten) aanbrengen.
1.8. De huurder heeft het recht voor eigen evenementen toegangsgelden te heffen, de frequentie en de wijze waarop dient vooraf met de SBAB overlegd te worden. Voorwaarde hierbij is dat de huur tegen een commercieel tarief is aangegaan. Andere activiteiten met een commercieel winstoogmerk en activiteiten in concurrentie met activiteiten van de accommodatie zijn door de huurder niet toegestaan.
1.9. In voorkomende gevallen dient de huurder in het bezit te zijn van de noodzakelijke gemeentelijke vergunning(en). De richtlijnen van de gemeente Bodegraven- Reeuwijk zijn daarbij leidend. Een kopie van deze vergunning(en) moet bij de aanvang van de huur worden overgedragen aan de SBAB.

2. Huurvergoeding
2.1. De huurder verplicht zich voor het gebruik van de accommodatie een huurvergoeding overeenkomstig de bepalingen in het betreffende tarievenprogramma te voldoen.
2.2. De huurder moet de huurvergoeding overeenkomstig de aanwijzingen op de nota voldoen.
2.3. Indien de huurvergoeding niet binnen de overeengekomen termijn door de huurder aan de SBAB wordt voldaan, is de huurder van rechtswege in gebreke gebleven en is de huurder aan de SBAB rente verschuldigd van 1% per maand, berekend over het verschuldigde bedrag met ingang van de vervaldag, zonder dat enige aanmaning of ingebrekestelling nodig zal zijn, onverminderd het recht van de SBAB het verschuldigde bedrag met rente en kosten van buitenrechtelijke of rechtelijke invordering terstond op te vorderen. De kosten van buitenrechtelijke invordering worden tussen partijen vastgesteld op basis van het tarief van de Nederlandse Orde van Advocaten, welke kosten in geval van gerechtelijke invordering boven de proceskosten verschuldigd zullen zijn. Indien de SBAB kan aantonen hogere kosten te hebben gemaakt, welke redelijkerwijs noodzakelijk waren, komen ook deze voor vergoeding in aanmerking.
2.4. Annulering of tussentijdse (gedeeltelijke) beëindiging van de huurovereenkomst door huurder is slechts mogelijk na acceptatie van de SBAB, waarna in ieder geval nog een opzegtermijn van 1 maand zal gelden. Ingeval van annulering of tussentijdse beëindiging is de huurder 25% van de verschuldigde huursom over de geannuleerde gebruikerstijd verschuldigd, vermeerderd met € 25 aan administratiekosten. Zodra de annulering geaccepteerd is, kan de gebruiker gedurende de geannuleerde gebruikstijd geen enkel recht meer op de accommodatie doen gelden.
2.5. In geval van eenmalig gebruik van een accommodatie kan de SBAB – naast de huur – vooraf een garantiesom aan de huurder berekenen. De SBAB restitueert de garantiesom onmiddellijk na gebruik aan de huurder onder aftrek van eventuele kosten, die voorvloeien uit het gebruik van de accommodatie
2.6. Door de SBAB worden elk jaar de uurtarieven voor het gebruik van de accommodaties vastgesteld. Deze tarieven worden door de SBAB vooraf aan de vaste gebruiker van de accommodaties medegedeeld, zo mogelijk drie maanden voor het begin van het nieuwe seizoen.
2.7. Bij gebruik van de accommodaties voor minder dan een uur, wordt – mits anders overeengekomen – een vol uur in rekening gebracht.
2.8. Bij overschrijding van de in de overeenkomst genoemde tijdsduur wordt daarvoor het vastgestelde uurtarief in rekening gebracht. Overschrijdingen zijn uitsluitend toegestaan nadat de beheerder daarvoor toestemming heeft gegeven.

3. Leiding
3.1. De huurder dient tijdens het gebruik van de accommodatie te zorgen voor de aanwezigheid van voldoende leiding in aantal en kwaliteit.
3.2. De leiding heeft als taak er op toe te zien dat: a het huurreglement en de huurvoorwaarden worden nageleefd en b er zich binnen de accommodatie geen personen bevinden die: i. de orde verstoren; ii. de veiligheid van zichzelf en/of anderen in gevaar brengen; iii. een goede bedrijfsvoering verhinderen; iv. handelingen verrichten dan wel nalatigheden plegen, welke in strijd zijn met de gebruiksbepalingen.
3.3. Voor aanvang van het gebruik dient de leiding de accommodatie en inventaris te controleren op schade en gebreken. Alle onregelmatigheden, hetzij door het eigen gebruik, hetzij door andere gebruikers veroorzaakt, dienen onmiddellijk te worden gemeld aan de beheerder of, bij dienst afwezigheid, in het aldaar aanwezige logboek worden genoteerd.
3.4. Indien de accommodatie wordt gebruikt voor wedstrijden, waarbij publiek wordt toegelaten, dient de leiding te bestaan uit een persoon die tenminste 21 jaar oud is.
3.5. De leiding dient zich tenminste 15 minuten voor aanvang en uiterlijk 30 minuten na afloop van de gebruikstijd te melden bij de beheerder. Bij grote drukte dient de leiding zich te laten vergezellen door één of meerdere assistenten, die in hoofdzaak als taak hebben toezicht te houden op het gebruik van de accommodatie buiten de speelzaal of zwemzaal.
3.6. De leiding dient te beschikken over een goed werkende en communicerende telefoon, waarvan het nummer bekend is bij de beheerder.

4. Gebruiksbepalingen
4.1. De accommodatie mag pas worden betreden zodra de leiding aanwezig is.
4.2. Het gebruik van de kleedruimte(s) is toegestaan vanaf 15 minuten voor aanvang van de gebruikerstijd.
4.3. Behoudens nadrukkelijke toestemming van SBAB of beheerder, is het niet toegestaan a dieren tot de accommodatie toe te laten; b vervoermiddelen in of bij de accommodatie te plaatsen anders dan in/op de daarvoor aangewezen stallinggelegenheid; c zo te handelen, dat beschadiging of vervuiling van de accommodatie mogelijk is; d de sportvloeren met ander schoeisel te betreden dan zaalsportschoeisel (geen zachtrubbere zolen, die afgeven), dat buiten niet wordt gedragen; e de zwemzaal met buitenschoenen te betreden; f consumpties in de sportzalen of zwemzalen te gebruiken, behoudens in de daartoe bestemde gedeelten; g glaswerk mee te nemen in de sportzalen, zwemzalen of kleedkamers en douches; h te roken in de accommodatie op andere plaatsen dan daartoe is aangewezen.
4.4. Gebruikers mogen alleen tot ruimte(n) worden toegelaten die door de SBAB zijn aangewezen. Het is niet toegestaan andere ruimten dan overeengekomen te betreden.
4.5. Het is niet toegestaan zich zonder geldige redenen in of bij de garderobe, de kleedkamers en kluisjes op te houden.
4.6. De gebruiker is verplicht de door hem gebruikte ruimte(n) opgeruimd achter te laten en zich af te melden voor vertrek dan wel het logboek in te vullen.
4.7. De kleedruimte(n) dienen 20 minuten na afloop van de gebruikstijd te zijn verlaten. Bij overtreding kan SBAB een extra huurvergoeding in rekening brengen.
4.8. Waterkranen dienen na gebruik te worden dichtgedraaid.
4.9. Bezoekers hebben alleen toegang tot de accommodaties ten tijde dat deze voor het publiek zijn geopend. Zij mogen zich alleen bevinden in de voor hen toegankelijke ruimten.
4.10. Bestuursleden, de beheerder en personeelsleden van de SBAB hebben te allen tijde vrije en onbeperkte toegang tot de accommodatie.
4.11. De gebruikers zijn verplicht de door de SBAB aangewezen gemachtigde(n) na legitimatie vrije en onbeperkte toegang tot de accommodatie te verlenen.
4.12. De gebruikers zijn verplicht aanwijzingen van de in het vorige lid genoemde personen stipt op te volgen.
4.13. In de gehuurde ruimte mag niets aan de wanden, vloer of plafond nagelvast worden gezet, behoudens uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van de SBAB.
4.14. In het zwembad is het dragen van zwemkleding verplicht en is het verplicht om te douchen voor het zwemmen.

5. Calamiteiten
5.1. In verband met de brandweervoorschriften dient de huurder a de uitgangsdeuren en vluchtwegen over de volle breedte te allen tijde vrij te houden van obstakels; b de plaatsen buiten het gebouw nabij de in- en uitgangen onder alle omstandigheden vrij te houden van obstakels; c aanwijzingen van de beheerder omtrent deze voorschriften direct en stipt op te volgen.
5.2. Bij constatering van een calamiteit door huurder, dient direct de beheerder te worden geïnformeerd.
5.3. De gebruikers zijn verplicht de aanwijzingen van de beheerder alsmede politie, brandweer en andere hulpverleners stipt op te volgen.

6. Nadere bepalingen sporthallen
(uitsluitend bij gebruik van één van de sporthallen in Sportcentrum De Kuil of Sporthal Sporthoeve)
6.1. Indien gebruik wordt gemaakt van vaste of verplaatsbare toestellen of indien sprake is van sportbeoefening door hoofdzakelijk jongeren in leeftijd tot 19 jaar, dient de leiding te bestaan uit een leider, die in het bezit is van tenminste één van de volgende diploma’s: a een door de overheid erkende sporttechnische leidersdiploma van een bondsopleiding; b een onderwijsbevoegdheid met betrekking tot bewegingsonderwijs. Op verzoek van de SBAB dienen de diploma’s te worden getoond.
6.2. Indien een leider niet over één van de in het vorige lid bedoelde diploma’s beschikt, kan hiervoor dispensatie worden gevraagd bij de desbetreffende bevoegde instantie. De dispensatie, die voor kortere of langere tijd kan gelden, zal als regel worden gegeven, indien de betrokken leider op grond van de opgedane praktijkervaring geacht mag worden over gelijkwaardige sporttechnische, c.q. leidinggevende kwaliteiten te beschikken.
6.3. Het scorebord en/of de geluidsinstallatie in de accommodatie kan in en na overleg met de beheerder door de huurder worden gebruikt. De huurder dient zelf te zorgen voor klein spelmateriaal.
6.4. Indien gebruik wordt gemaakt van de inventaris, dient deze na afloop terug te worden geplaatst in de berging (en) overeenkomstig de aanwijzing van SBAB of beheerder.
6.5. Voor de inrichting van de sportzalen en het gebruik van de sportmaterialen gelden de aanwijzingen in bijlage 1 van het huurreglement.

7. Nadere bepalingen zwembad
(uitsluitend bij gebruik van het recreatiebad of het wedstrijdbad in Sportcentrum De Kuil)
7.1. Het zwemwater mag pas worden betreden nadat er een watermonster is genomen door een medewerker van de SBAB. De SBAB draagt er zorg voor dat bemonstering heeft plaatsgevonden voor aanvang van het gebruik.
7.2. Bij gebruik van het zwembad dient voor en tijdens het betreden van het bassin, leiding met de kunde van het zwemmend redden en voldoende vaardigheden in EHBO in de accommodatie aanwezig te zijn. Bij gebruik van zowel het wedstrijdbassin als het instructiebasin dient voor het houden van toezicht een tweede persoon ingezet te worden.
7.3. Indien huurder niet beschikt over leiding met de vaardigheden, zoals in het voorgaande lid is beschreven, zal de SBAB één of meerdere personeelsleden met deze vaardigheden inzetten. De kosten daaraan verbonden komen ten laste van de huurder.

8. Nadere bepalingen gymzalen
(uitsluitend bij gebruik van de gymzalen)
8.1. Indien geen beheerder in de accommodatie aanwezig is, verstrekt de SBAB de sleutel(s) van de accommodatie. (Max. 2 per huurder). De huurder kan niet eerder dan na aftekening van de sleutelverklaring over de sleutel(s) beschikken. De huurder moet de eerste werkdag na de laatste datum van de gebruiksperiode of zoveel eerder als de huurovereenkomst eindigt de sleutels bij de SBAB inleveren. In geval er geen beheerder aanwezig is vervallen de bepalingen omtrent de leiding in artikel 3 lid 4 en lid 5.
8.2. Indien gebruik wordt gemaakt van vaste of verplaatsbare toestellen of indien sprake is van sportbeoefening door hoofdzakelijk jongeren in leeftijd tot 19 jaar, dient de leiding te bestaan uit een leider, die in het bezit is van tenminste één van de volgende diploma’s: a een door de overheid erkende sporttechnische leidersdiploma van een bondsopleiding; b een onderwijsbevoegdheid met betrekking toe bewegingsonderwijs. 8.3. Indien een leider niet over één van de in het vorige lid bedoelde diploma’s beschikt, kan hiervoor dispensatie worden gevraagd bij de desbetreffende bevoegde instantie. De dispensatie, die voor kortere of langere tijd kan gelden, zal als regel worden gegeven, indien de betrokken leider op grond van de opgedane praktijkervaring geacht mag worden over gelijkwaardige sporttechnische, c.q. leidinggevende kwaliteiten te beschikken. 8.4. Indien er geen beheerder aanwezig is dient de huurder te zorgen dat tenminste één van de aanwezigen BHV (inclusief EHBO) gecertificeerd is.
8.5. Bij afwezigheid van een beheerder, dient de buitendeur van de accommodatie tijdens de gebruikstijd dicht (niet op slot) te zijn.
8.6. Bij afwezigheid van een beheerder dienen, indien de leiding van een eventuele volgende groep gebruikers nog niet aanwezig is, bij het verlaten van de accommodatie: a De ramen te worden gesloten en lichten uitgedaan; b De toegangsdeur(en) worden gesloten.
8.7. Zonder een vooraf verkregen schriftelijke toestemming van de SBAB is het verboden in de accommodaties eigen materialen op te bergen. 8.8. Indien gebruik wordt gemaakt van de inventaris, dient deze na afloop terug te worden geplaatst in de berging(en) overeenkomstig de aanwijzing van SBAB of beheerder.
8.9. Voor de inrichting van de sportzalen en het gebruik van de sportmaterialen gelden de aanwijzingen in bijlage 1 van het huurreglement.

9. Aansprakelijkheid
9.1. De huurder is verantwoordelijk voor het naleven van de gebruiksbepalingen en de voorschriften met betrekking tot de (brand)veiligheid door de gebruikers.
9.2. De SBAB of de beheerder is bevoegd om op grond van het niet naleven van één van de bepalingen in het huurreglement en/of in de huurvoorwaarden gebruikers uit de accommodatie te (laten) verwijderen na de redenen aan de betrokkene(n) te hebben meegedeeld.
9.3. De SBAB kan niet aansprakelijk worden gesteld voor calamiteiten tijdens een evenement zoals uitval van energie, stagnatie van de watertoevoer, storm, brand, wateroverlast of bouwkundige schade.
9.4. De aansprakelijkheid van de SBAB is beperkt tot het bedrag dat door haar verzekering is gedekt, indien en voor zover deze aansprakelijkheid door de verzekering wordt gedekt. Indien de verzekering in enig geval niet tot uitkering overgaat of de schade niet door de verzekering wordt gedekt, is de aansprakelijkheid beperkt tot de hoogte van het totaal der factuurbedragen betreffende de door de huurder te betalen huur over het laatste kalenderjaar. De SBAB is echter ten volle aansprakelijk voor de schade indien sprake is van opzet of grove schuld van de SBAB of haar leidinggevende ondergeschikten.
9.5. De SBAB is niet aansprakelijk voor verlies, diefstal en eventuele ongevallen, die voortvloeien uit onvoorzichtigheid of door een aan huurder of gebruiker te wijten omstandigheid.
9.6. De huurder is aansprakelijk voor alle schade – door toedoen of door nalatigheid van gebruikers – aan de accommodatie en/of inventaris toegebracht als gevolg van niet behoorlijk gebruik en/of gebruik in strijd met de gebruiksaanwijzingen als opgenomen in bijlage 1 bij dit huurreglement. Huurder verplicht zich de schade naar vermogen te beperken.
9.7. Indien de accommodatie naar het oordeel van de SBAB of beheerder onvoldoende schoon wordt achtergelaten, behoudt deze zich het recht voor de accommodatie voor rekening van de huurder te laten reinigen. 9.8. SBAB of beheerder is gerechtigd de noodzakelijke werkzaamheden voor het herstel van de geleden schade dan wel extra schoonmaakwerkzaamheden voor rekening van huurder te laten uitvoeren zonder dat enige voorafgaande ingebrekestelling of rechterlijke tussenkomst is vereist.
9.9. De huurder moet de kosten van uitvoering van de werkzaamheden op eerste aanzegging van SBAB voldoen.
9.10. De huurder wordt geacht bij constatering van schade c.q. vernieling door eigen leden of anderen het standaard schadeformulier van de SBAB in te vullen.
9.11. De huurder dient over een passende aansprakelijkheidsverzekering te beschikken en op verzoek de SBAB een afschrift van de polis te overhandigen.

10. Maatregelen
10.1. De SBAB kan de huurder, die één of meer bepalingen van het huurreglement of van de huurvoorwaarden niet nakomt, één van de volgende sancties opleggen: a Een boete tot een maximum van €. 100; b Het ontzeggen van de toegang tot de accommodatie voor de resterende gebruiksperiode of een gedeelte daarvan zonder dat de huurder recht heeft op (gedeeltelijke) – restitutie van de verschuldigde huurvergoeding.

11. Verweer
11.1. De huurder kan tegen de opgelegde maatregelen binnen 14 dagen na dagtekening van de berichtgeving van de maatregel in verweer gaan bij de SBAB
11.2. De SBAB moet een besluit in verweer nemen en binnen 1 maand na de datum, waarop het verweerschrift is ontvangen, schriftelijk berichten aan de afzender.
11.3. De SBAB bevestigt de ontvangst van het verweerschrift. Het indienen van een verweerschrift doet niet automatisch de opgelegde sancties opschorten. Het uitvoeren van de opgelegde sancties kan door de SBAB worden opgeschort indien de SBAB een verweerschrift heeft ontvangen.

12. Slotbepalingen
12.1. Huurder doet SBAB schriftelijk opgave van de samenstelling van het bestuur en de leiding. Wijzigingen worden schriftelijk aan de SBAB meegedeeld.
12.2. De huurder wordt bij het aangaan van de huurovereenkomst geacht bekend te zijn met het huurreglement en de huurvoorwaarden.
12.3. De SBAB beslist in gevallen waarin dit huurreglement niet voorziet.
12.4. Deze bepalingen met bijlage dienen te worden aangehaald als “het huurreglement voor het (buitenschoolse) gebruik van de accommodaties, die door de SBAB worden verhuurd”
12.5. Deze regeling is in werking getreden op 13 april 2011 en komt in de plaats van alle voorgaande reglementen en voorwaarden van de SBAB en de voormalige Stichting Zwembad Bodegraven.

Bijlage 1

Gebruik van het sportmateriaal.
Aanwijzingen en tips voor goed gebruik van het sportmateriaal

1. Inrichting zaal
1.1. Badminton: Het is niet nodig om met meer dan één persoon de palen neer te zetten. De netten zijn simpel te spannen, er hoeft niet aan het spandraad gehangen te worden. Hierdoor trekt men de netten kapot. Dit is niet noodzakelijk omdat onder de spandraad nog paaltjes komen. Bij het opruimen van het badmintonmateriaal moet U op het volgende letten. Het losdraaien van de spanner moet geleidelijk gebeuren, doet U dat niet dan schiet de spanner als een pijl uit een boog weg en veroorzaakt levensgevaarlijke situaties. De netten s.v.p. netjes ophangen aan de nettenwagen, uitkijken met het beschadigen van de netten, zeker niet te strak ophangen aan de mazen van het net. Palen opruimen in de hiervoor bestemde beugels, geleiders vastzetten.
1.2. Basketbal: Opzetten en laten zakken moet altijd door de leiding gebeuren, dit moet bij het andere sportmateriaal ook gebeuren, maar zéér zeker bij de verrijdbare basketbalborden. Het laten zakken van de borden moet zo gebeuren, dat deze niet tegen de muur aankomen. Ook de wandborden moeten heel voorzichtig bediend worden. Nooit te ver opdraaien.
1.3. Korfbal: Het inzetten van de vaste korfbalpalen in de grondpotten moet heel geleidelijk gebeuren, dus nooit er in laten vallen, ook de korfbalpaal voordat U het in de put zet, nooit laten rusten op de koperen ring. De vaste palen bij het opruimen hangen op de haken die hiervoor bestemd zijn.
1.4. Tennis: Zie volleybal en badminton.
1.5. Volleybal: Plaatsen palen moet geleidelijk gebeuren, niet in de grondpotten laten stuiteren! Spannen van een volleybalnet moet zo gebeuren, dat strak, strak is en niet zo dat de bovenkant van de palen naar elkaar toe komen. U kunt met een katrol ontzettend veel kracht zetten, waardoor het laatstgenoemde zeer gemakkelijk kan gebeuren. Bij het opruimen van het net letten op het volgende: nooit oprollen, maar ophangen op de nettenwagen, niet te strak s.v.p. Palen opruimen in de hiervoor bestemde beugels, geleiders vastzetten.
1.6. Zaalvoetbal: De zaalvoetbaldoelen altijd optillen en nooit slepen over de vloer.

2. Gebruik klein materiaal
2.1. Klimtouwen: Er mogen nooit knopen in de touwen gelegd worden. Het is zo goed als onmogelijk om de knopen er uit te halen. Tevens mogen de touwen niet aan elkaar gebonden worden. De touwen moeten bij het opruimen op volgorde achter de beugels gehangen worden.
2.2. Springtouwen: Geen knopen in de springtouwen maken, en niet aan elkaar verbinden. Het lange touw is hier beter geschikt voor. S.v.p. na gebruik weer op de juiste wijze aan de beugels ophangen 2.3. Hoepels: Niet mee gooien; na gebruik weer ophangen en de beugel op slot doen.
2.4. Knotsen: Zie hoepels. Tevens mogen de knotsen niet gebruikt worden voor zaalvoetbal. Hiervoor zijn blokjes aanwezig.
2.5. Kastmateriaal: Partijlinten, toverkoorden, trektouwen, slaghouten, pionnen, zandzakjes enz. opruimen na gebruik. De tennisballen in de mand, de (spel)blokken in de kisten en na afloop de kast weer op slot doen.
2.6. Oefenstokken: Deze stokken op de geëigende wijze gebruiken. Na gebruik terugplaatsen in de verrijdbare bak.

Gebruik van het sportmateriaal.
3. Gebruik groot materiaal
3.1. Banken: De banken niet laten stuiteren op de vloer of op andere toestellen. Laat de kinderen/sporters de banken alleen optillen en tegen het wandrek zetten onder deskundige leiding. De wieltjes onder de banken zijn ten behoeve van het transport. Gebruik deze methode als een leerling/sporter de bank moet verplaatsen, dus nooit schuiven.
3.2. Basketbaltoren: Opzetten en laten zakken moet altijd door de leraren of de leiding gebeuren. Het laten zakken moet zo gebeuren dat er geen beschadiging aan de muur optreedt, maar moet heel geleidelijk met het ventiel plaatsvinden.
3.3. Bokken: Zie springkasten. Let U voor gebruik er s.v.p. op dat alle poten juist zijn afgesteld en goed zijn vastgezet.
3.4. Brug: De leiding verplaatst de brug met behulp van de insteekwagen. Let bij het neerzetten op de voeten. Controleer voor gebruik of de liggers goed vastzitten. Zorg dat de brug na gebruik los van de insteekwagen is neergezet.
3.5. Evenwichtsbalk: Ook hier goed opletten dat alles goed afgesteld is voor gebruik. Bij het opruimen de balk ophangen aan de haken aan de muur.
3.6. Flexoturn: Dit toestel heeft veel mogelijkheden. Gebruik het op een veilige manier en zorg ervoor dat het gebruik op verantwoorde wijze gebeurt. Alleen leiding en leraren mogen de palen uit de grond halen. Boekje over de vele mogelijkheden bij de beheerders aanwezig, ook kunt U zich tot hen wenden als U enige uitleg wilt.
3.7. Mat (groot): De mat altijd dragen, nooit schuiven of slepen. Het neerleggen moet zeer geleidelijk gebeuren en niet met een harde klap. De juiste naam van deze mat is grote valmat en moet dus alleen gebruikt worden om sporters op te vangen. Nooit gebruiken in een loopspel.
3.8. Matten (klein): Maak ook in de zaal gebruik van de mattenwagen. Niet slepen met de matten over de grond.
3.9. Ringen: De ringen moeten m.b.v. de ringstokken naar beneden getrokken worden. Controleer voor gebruik de bevestiging aan de muur. Bij het opruimen moeten de kettingen in de bak aan de muur gedeponeerd worden, let U erop dat de kettingen niet de war komen.
3.10.Springkasten: Denk om het lederen dek; dit is snel beschadigd (winkelhaak). Plaats OP het dek dan ook nooit een bank of ander scherp voorwerp. Zorg dat voor het gebruik de wielen van de kast van de vloer zijn. Bij het terugplaatsen van de kasten altijd de kast in rust zetten.
3.11.Springplanken (Reuter): Zie trampoline
3.12.Trampoline: Bij het springen moet altijd leiding aanwezig zijn. Controleer voor gebruik de stand van de poten. De trampoline moet altijd dragend verplaatst worden. Alleen geschikt voor oudere sporters.
3.13.Trapezoïde: Uitermate geschikt als klimtoestel. Het is een ideaal instrument om samen met andere toestellen te gebruiken, denk U er wel om matten onder het toestel te leggen. Controleer ook hierbij of de trapezoïde goed stevig staat.
3.14.Wandrekken: Op een goede en veilige manier gebruiken, in uitgetrokken stand altijd vastzetten. Bij het uittrekken niet laten vallen op de vloer, na gebruik weer terug plaatsen tegen de wand of de muur.

4. Combinaties en toestelbanen (apenkooi)
Ook hierbij de toestellen alleen gebruiken op die wijze waarop het bedoeld is. Het is dus uitermate belangrijk dat U van tevoren bedenkt hoe de toestellen ingepast kunnen worden. Alle voorgaande regels blijven voor de toestellen van kracht.

SBAB - Stichting Beheer Accommodaties Bodegraven-Reeuwijk - Login